De bloem in een grote kom doen en er een kuiltje in maken.
De sinaasappels en de citroen schoon boenen, en de schil raspen boven de kuiltjes.
Voeg de suiker, een snufje zout, 4 eieren en de dooier van het 5e ei toe.
Kneed het deeg met de handen tot een glad maar stevig deeg, en maak er een grote gladde bal van.
Steeds een klein beetje van het deeg nemen en vormen tot een klein balletje, ongeveer 0,5 centimeter doorsnede.
De olie verhitten in een frituurpan of braadpan. Als de olie heet is, steeds een handjevol deegballetjes voorzichtig in de hete olie doen.
Frituren tot ze bruin zijn, dan laten uitlekken op keukenpapier.
In een pan de honing verwarmen. De gekonfijte sinaasappel fijnsnijden en de honing toevoegen.
Pan met honing van het vuur nemen. Voeg vervolgens de gefrituurde deegballetjes aan de olie toe, en roer dit voorzichtig met een lepel om.
Neem een platte schaal en giet de deegballetjes met honing om de schaal. Vorm met de handen een soort toren.
Nu de honing nog warm is, decoreren met vruchtenhagelslag.
Nu minimaal twee uur laten afkoelen, bij voorkeur niet in de koelkast.