De kipfilet in blokjes van ongeveer 2 bij 2 centimeter snijden. Pel en snipper twee uien. Snij een rode paprika en een groene paprika in reepjes.
Rasp een stukje verse gember tot je ongeveer 1 eetlepel hebt. Pers twee teentjes knoflook uit. Zet daarnaast alvast de kruiden klaar: 1 theelepel kurkuma, 1 theelepel komijnpoeder, 1 theelepel korianderpoeder, 1 eetlepel garam masala en een halve theelepel chilipoeder. Open een blik tomatenblokjes van vierhonderd gram.
Zet een ruime hapjespan op een middelhoog vuur. Verhit hierin drie eetlepels zonnebloemolie en voeg de kipblokjes toe. Bak deze in 5 tot 7 minuten rondom bruin, haal ze dan uit de pan en leg ze apart. Voeg nu in dezelfde pan de uien toe en bak ze tot ze glazig zijn. Doe er dan de knoflook en gember bij. Laat dit een minuut meefruiten en voeg dan de kurkuma, komijnpoeder, koriander en chilipoeder toe. Laat de kruiden even kort meebakken.
Voeg nu de tomatenblokjes toe en roer alles goed door. Breng het op smaak met wat zout. Doe de kip terug in de pan en laat het geheel 20 minuten zachtjes sudderen met het deksel half op de pan. Voeg halverwege de paprikareepjes toe. De laatste 5 minuten strooi je de garam masala erbij en roer je het gerecht goed door. Proef de saus en voeg eventueel nog wat extra zout of een klein scheutje citroensap toe.